Wetenswaardigheid 37
Poesiealbum van Jeanette van Wersch

In 1893 kreeg Jeanette van Wersch (361,9) een poesiealbum. Zij was toen 19 jaar. Al haar broers en zussen schreven erin, ook haar vrienden, neven en haar toekomstige man Florent Eyssen. Haar dochter Thea schreef als laatste een bijdrage in 1924. Jeanette was toen 40 jaar.
Het boekje, zonder plaatjes, ligt nu bij haar kleinzoon Frans van der Linden, die alle handschriften heeft ontcijferd. In de verantwoording schreef hij: Bij het uittypen heb ik geprobeerd de handschriften zo goed mogelijk te ontcijferen. Onderstaande teksten zijn dus door hem ontcijferd. Bijna alle bijdragen zijn in het Duits of Frans. Was dat toen normaal in zuid Limburg, of normaal in het ondernemersgezin Van Wersch uit Heerlen?

Onderstaand zijn de bijdragen van haar broers en zussen.
 
 
Jeanette van Wersch Marie: klik hier Angelique, klik hier Edmond, klik hier
Gertrude Frans, klik hier Ferd, klik hier
van Marie

Dans tes plaisirs,
Comme dans tes peines,
Pense toujours,
A celle qui t’aime

Ta soeur Marie
Heerlen, le 7 decembre 1893

In je goede tijden
En in je slechte tijden
Denk altijd aan
Diegenen die van je houden



van Angelique

Wenn Menschen dir mit Güte
Mit Lob und Liebe nah’n
Dann schau in dein Gemüte
Hatt Gott auch Lust davon?

Wenn Menschen dich verlassen
Wenn Lieb als Glas zerbricht
Dann musst du Gott umfassen
Denn Er verlässt dich nicht

Zur freundlichen Erinnerung an deiner dichliebenden Schwester Angelique
Heerlen den 2/4/1894

Wanneer mensen je met goedheid,
Met eer en met liefde benaderen
Kijk dan in je hart
Heeft God daar ook plezier in

Wanneer mensen jou alleen laten
Wanneer liefde als glas breekt
Dan moet je God omarmen
Omdat Hij je niet verlaat

Ter herinnering aan je liefhebbende zus Angelique



Von keinem Leid, so schwer es sei,
Lass stimmen deine Seele trübe;
Geht auch das Leiden nicht vorbei,
So gehst du doch vorüber

Dein Hubert
Heerlen, 2 april 1894

Er is geen leed zo zwaar
Laat je ziel somber overeenstemmen
Ga ook het lijden niet voorbij
Anders ga je eraan tenonder

Je Hubert (Het vreemde is dat dit broer August is, zijn doopnamen waren Hubert Pieter August)
Heerlen 2 april 1894.

Haar broer Willem wilde het zich ook niet moeilijk maken want hij kopieerde het zelfde versje op dezelfde dag.

Het is een gedicht van de Duitse dichter Moritz Hartmann (+1872) dat uiteindelijk in een boek terecht kwam van Heinrich Oskar Sommer. Dit boek werd in Engeland gepubliceerd voor de militairen en notabelen om Duits te leren.



Heures de Prisonvan Edmond

Le monde, c’est le grand Calvaire, que chacun gravit a son tour en portant sa croix.
Le monde, c’est la vie pour tous avec ses exigences, ses deceptions et ses douleurs,
c’est le lendemain désenchanté du désir.
On la veille tourmentée de l’attente; c’est le reveil du rêve, c’est le désespoir de l’espérance.
C’est un pauvre monde que ce bas monde;
C’est une grande misère que ce luxe dont on eblouit les yeux pour tromper les coeurs.

Ton frère Edmond
16 maart 1894

De wereld: het is een grote Calvarieberg die iedereen op zijn beurt beklimt terwijl hij zijn kruis draagt.
De wereld, het is het leven voor iedereen met al zijn eisen, de misleidingen en pijn:
De volgende dag ben je teleurgesteld in je verwachtingen.
Aan de vooravond van getormenteerde wachten word je wakker uit een droom.
Het is de wanhoop van de hoop. Het is een slechte wereld deze arme wereld.
Het is een groot verdriet dat de luxe je ogen vertroebelt om de harten te misleiden

Je broer Edmond

Deze tekst komt uit een boek dat geschreven werd door de Francaise Marie Lafarge (1816-1852). Na een ongelukkige jeugd, ongelukkig huwelijk en een teleurstellend huwelijk werd zij veroordeeld tot levenslang voor het vergiftigen van haar man. Ook werd zij beschuldigd van diefstal van sieraden. Officieel werd zij veroordeeld tot levenslang met dwangarbeid. Maar het publiek was op haar hand waardoor dwangarbeid verviel.



van Gertrude

Will dir dein armes Herze brechen
Ringst mit dem herbsten Schmerzen du
Hör’ was der Herr will zu dir sprechen
Er flüsterst dir im Stürme zu:
„Nimm auf mein Joch, ich helft dir tragen
Nimm’s auf demütig, ohne zorgen
Und mache deine Seele stille
Sprech- es geschehe, nicht mein, dein
Wille“.

Je meurs ou je m’attache
Ou je m’attache – je meurs

Beim lesen dieser Zeilen, gedenke
Deiner dichliebende Schwester

Gertrude

Heerlen le 28 Mars 1894
 

Zou je je arme hart willen breken
vechtend tegen de herfstachtige pijnen
Hoor naar wat de Heer je wil zeggen
Hij fluistert jouw tijdens stormen in:
Neem mijn juk op, ik help je dragen
Neem het deemoedig op, zonder zorgen
en maak je ziel rustig
Spreek, het geschiedt niet zoals ik dat wil,
maar zoals u dat wilt.

Ik sterf waar ik mij aan vasthoud
Wanneer ik mij vasthoud, sterf ik

Denk aan je liefhebbende zus
bij het lezen van deze pagina

commentaar
Hier werd wederom in het Duits een stukje godsdienstige tekst geschreven
De regels over het juk zijn een interpretatie van Mattheus 12,29
en de laatste twee regels van het eerste deel slaan op Lucas 22,42

De Franse regels zijn een stukje bloementaal en slaan op de klimop.



van Frans

A ma chère Jeannetje

Ne possédant pas les dons de poète pour être à mème de pouvoir attribuer a l’embellissement de ton album de poësie, je ne puis te dire, et cela de tout mon coeur fraternal,
Sois contente et satisfaite partout et en tout ce qui t’arrive car il n’y a que la, ma bonne soeur, que tu trouvera le vrai bonheur de ce monde.

En souvenir à ton frêre

Frans van Wersch
Heerlen 9-2-95

Aan mijn lieve Jeannetje

Niet beschikkend over de gave van een dichter om een bijdrage te doen ter verfraaing aan jouw poesiealbum,
kan ik je niets anders zeggen dan met mijn hele broederlijk hart,
Wees blij en tevreden met alles wat je zult overkomen, want er is niets anders, lieve zus, dan dat je het ware geluk van de wereld  zult vinden.

Ter herinnering aan je broer

Frans van Wersch
Heerlen 9-2-1895


van Ferdinand

Wenn Menschenhülfe dir gebricht
So hoff auf Gott und zage nicht;
Wo niemand hilft, da hilft doch Er
Ihn ist ja keine Last zu schwer!

Dein bruder
Ferdinand
Heerlen 28.3.94

Wanneer mensen je niet helpen
Vertrouw dan op God en wees niet bang
Waar niemand helpt, daar helpt Hij
Hem is geen last te zwaar.

Je broer
Ferdinand
Heerlen 28 maart 1894
 
 

Terug naar
Wetenswaardigeheden