
Met ingang van 18 november 1935 sloot Albert van Weersch, toen 20 jaar
oud, een vrijwillige ouderdomsuitkering af. Er stond in deze verzekering:
Deze verzekerde heeft, mits de premie van f. 0.33 per week geregeld
is betaald, na het behalen van den 65-jarige leeftyd recht op een rente
van drie gulden zegge f 3,- per week. (dat is tegenwoordig ca
€ 1,35 per week).
In de kleine lettertjes stond ondermeer dat de betaling eenmaal per
week geschiedt ten kantore der posterijen van de woonplaats van den
rechthebbende. Ook dat de rente uitbetaald werd op Dinsdag van elke
week of, wanneer de betaaldag een Kerstdag of Nieuwsjaarsdag zou zijn op
den daaraanvoorafgaanden werkdag.
De uitkering was gebaseerd op de Ouderdomswet 1919 die op 3 december
1919 in werking trad. Drie ministers hadden de wet getekend, naast koningin
Wilhelmina. Het waren de minister van Arbeid: Aalberse, de minister van
Financiën: De Vries en de minister van Justitie: Heemskerk.
Opvallend van deze verzekering is de leeftijd van de verzekerde. Welke
jongere van 20 jaar is er vandaag de dag bezig met zijn pensioen?
![]() |
|
Wetenswaardigheden |