Xavier van Wersch
1875 - 1938

Het leven van Xavier van Wersch is tot nu nog een mysterie. De goede man had vele hobby's en beroepen. Dan woonde hij hier, dan woonde hij daar. Hij verbleef in België, maar ook op in diverse plaatsen in Zuid Limburg. Tot nu toe heb ik de volgende plaatsen kunnen traceren: Simpelveld, Maastricht, Valkenburg, Heerlen, Terwinselen, Gulpen, Sittard, Huy Tihange, Amay (in 1933). Maar ook de volgende beroepen: wielrenner, konijnenfokker, hoteleigenaar, cafébaas, schrijver, drukker, koopman, directeur. En dat allemaal in een tijdsbestek van 63 jaar, waarvan uiteraard zijn jaren dat hij bij zijn ouders woonde, afgetrokken moeten worden. 28 september 1897Dan heeft hij roermond-9-mei-1903dus in 8 plaatsen gewoond en dus nergens echt lang.Wat de reden daarvan is ben ik nog niet achter.

In zijn jeugd was hij actief in de wielersport en niet onverdienstelijk In 1896 (21 jaar) werd hij tweede bij de amateurs tijdens de internationale wielermanifestatie in Maastricht op de mijl. Het Algemeen Handelsblad noemde hem toen foutief : Z. van Wersch. In 1897 werd hij tweede tijdens de Internationale Wielerronde. Hij was 22 jaar. In deze tijd werd hij twee keer kampioen van Limburg en eenmaal derde in het lange Afstandskampioenschap van Nederland. Het rechterkrantenartikel is uit 1903. Xavier was toen 28 jaar. In deze tijd was hij al bekend vanwege zijn konijnen, zijn tweede passie. In deze tijd woonde hij in (of liever bij) Maastricht. Hij wooinde in Scharn.

Ook in het jaar 1897 was hij, naast amateur fietser, actief in de konijnenteelt. Zelfs zo actief dat hij in dat jaar nauw betrokken was bij de Nederlandsche Konijnenfokkersbond die in dat jaar in december in Utrecht werd opgericht. De Algemeene Ledenvergadering was in Amsterdam waar het voorlopig reglement werd opgemaakt door baron Van Heemstra uit Amersfoort, J. Planten uit Steenderen en Xavier von Wersch uit Maastricht. Xavier was 22 jaar. Xavier was secretaris/penningmeester.
Hun succes was ondermeer dat bij de Ornithophilia tentoonstelling in december 1899 in Utrecht voor het eerst konijnen werden toegelaten. Bert Mombarg schreef in 2001 zijn boek Houden van Kippen, een historisch-socialogische analyse van de georganiseerde raspluimveeteelt. Op bladzijde 60 staat: In 1899 werden 242 ras pelsdieren geexposeerd waarvan er 100 aan J.H.F. Xavier von Wersch uit Maastricht behoorden. Xavier was pas 24 jaar. Hij had onder andere de volgende rassen bij zich: IJzergrauw, zilverkonijn, Russische brandneus, Angora, Blue and Tan, Engelsche hangoren, Lotharinger reuzen, zwart en wit Papillon, zwart Angora, Belgische reuzenkonijnen, Hollandsche konijnen. Hiervoor won hij de eerste prijs in zijn klasse. Hij ging met twaalf eerste prijzen naar huis.

Over deze tentoonstelling van 1899 schreef de Leeuwarder Courant: In het Venduhuis te Utrecht wordt gehouden de eerste Internationale tentoonstelling van konijnen, uitgeschreven door den Konijnenbond vereeniging tot bevordering van den konijnenfokkerij in Nederland. Verder schreef de krant: De grootste en ook de meest bekende op dit gebied is de heer Xavier von Wersch te Scharn-Maastricht. Deze heer behaalde met zijne dieren vele prijzen.
Oorspronkelijk was de vereniging een duiven en kippen tentoonstelling.

Zijn konijnenteelt ging zeer voorspoedig. In februari 1902 verkocht hij een Vlaamse rammelaar (een mannetje dus) voor fl.150,- Een journalist hoorde dat en schreef later in de krant dat het een soort tulpenhandel was. Zo hoog vond hij de prijs. En prijzen bleef Xavier winnen. In dat jaar voor enkele van zijn rassen. In maart 1902 bestond de Nederlandsche Konijnenbond vijf jaar en was samengegaan met de Vlaamsche Reuzen-Konijnenclub. Xavier wilde in december 1902 een internationale tentoonstelling in Utrecht oprganiseren. Dat is overigens niet doorgegaan.
In april 1902 werd in Maastricht  de Provinciale Afdeling der Vereeniging tot bevordering van de Pluimveehouderij in Nederland opgericht. Het bestuur bestond uit kamerlid Mr. Janssen, uit Maastricht Xavier van Wersch en Max Regout, uit Schorn (moet Scharn zijn, noot webmaster), dhr Lessens en uit Horst de heer Nusselein. Het Hoofdbestuur vond dat niet goed en royeerde Xavier met als argument: wanbetaling. In de pers werd zijn naam als zowel Von Wersch als Van Wersch geschreven.
In september 1902 was er wel de Landbouwtentoonstelling in Den Bosch. Daar won Xavier verschillende prijzen voor zijn konijnen en pluimvee:  de 2e prijs met de Belgische Reuzenkonijnen, de 2e prijs met zijn Zilveren Konijnen, 3e prijs: Russische Brandneuzen, 2e prijs: Papillons, 1e prijs met niet genoemde rassen, 1e prijs met Wijandottes (wit) en de 2e prijs met hoenders voor de vleeschproductie. Niet onverdienstelijk dus.

Hij was bij de Vereeniging echter niet helemaal uit de gratie. In augustus 1903 verscheen het 14e bulletin van de V.P.N. dat rapporten bevatte over de konijnenfokkerij in Nederland. Xavier was de verantwoordelijke om de stand van zaken door te geven voor acht provincies..
In mei 1903 publiceerde hij samen met anderen een uitvoerig rapport over de konijnenteelt. Dit verscheen in "t. Bulletin".

Xavier had echter ook verstand van kippen.Op de landbouwtentoonstelling in Goes in juni 1903 was hij bijvoorbeeld het enige jurilid betreffende Pluimvee en Konijnen". In 6 en 7 juli 1903 was het eerste congres voor de leden der Vereeniging tot bevordering der Pluimveehouderij en tamme Konijnenteelt in Groningen. Hij sprak daar over de konijnenteelt.  Hij kwam vooral tegen op dat verschillende personen op dit gebied meningen verkondigden die niet aan de praktijk getoetst waren en daardoor alleen maar teleurstellingen veroorzaakten. En door die teleurstellingen ging de konijnenfokkerij juist achteruit. Ook sprak Xavier zich tegen landbouwtenstoonstellingen waar dieren stonden. Hij zei dat dat boerenbedrog was omdat de meest bekroonde dieren in het buitenland werden gekocht.
In september 1903 werd de eerste internationale tentoonstelling voor pluimvee en konijnen gehouden. Deze was in Maastricht, in de Dominicanerkerk. Vanaf 2010 is deze kerk een hele grote boekwinkel. Xavier kreeg de prijs voor de grootste inzending. Het was een kunstvoorwerp. Ook kreeg hij een vergulde zilveren medaille voor zijn Plymouth Rocks en Vlaamse Reuzen. In september 1903 werd de eerste internationale tentoonstelling voor pluimvee en konijnen gehouden. Deze was in Maastricht, in de Dominicanerkerk. Vanaf 2010 is deze kerk een hele grote boekwinkel. Xavier kreeg de prijs voor de grootste inzending. Het was een kunstvoorwerp. Ook kreeg hij een vergulde zilveren medaille voor zijn Plymouth Rocks en Vlaamse Reuzen.

Januari 1904 werd de 18e internatonale tentoonstelling voor pluimvee en konijnen door Aviciltura gerganiseerd in Den Haag, in het Koninklijk Zoologisch Botanisch Genootschap. Xavier zat dit keer niet in de jury maar in de regelingscommissie.
Blijkbaar had Xavier grotere plannen want hij richtte in augustus 1904 op eigen initiatief een pluimveeclub op. Die wilde in januari 1905 ook een internationale pluimvee en konijnententoonstelling houden.Hij noemde deze de Maastrichtsche Pluimveeclub. In 1902 had hij dat ook al geprobeerd. De tentoonstelling bestond uit vijf afdelingen en 557 klassen. Ook deze werd in de Dominicanerkerk in Maastricht gehouden. Tussendoor was hij in september 1904 nog even jurylid voor konijnen op de landbouwtentoonstelling in Oosterhout.
Als autoriteit over konijnen maakte Xavier zich ook zorgen omtrent de prijsontwikkeling. In september 1904 had hij een onderzoek in Belgie gehouden. Hij schreef: Er zijn in Belgie huizen die in Londen een hulpkantoor bezitten, die zich tegen een commissieloon van 2% met den verkoop belasten. De huizen, die te Loden een agent hebben, laten zich den stand der markt seinen en regelen daarnaar hun zending. De engelsche agent neemt voor zijn provisie 5%. De prijs van het konijn varieert van 60-75 cts. per kilo geslacht. In Januari en Februari, wanneer de zendingen verminderen, stijgen de prijzen tot
f. 0,80. (bron: De Tijd 11 september 1904)

In 1905 (Xavier is 30 jaar) was hij al een autoriteit op hoendersoorten. De Gelderlander schreef toen: Intusschen herinneren we aan den door Xavier von Wersch gegeven raad: men ga geen verzamelingen van alle mogeljke hoendersoorten aanleggen, Ieder kippenhouder bepale zich tot één ras. Datzelfde jaar was er in augustus een landbouwtentoonstelling in Wolvega. De krant schreef dat den bekenden pluimveefokker Xavier von Wersch te Maastricht ook aanwezig was met zijn Phoenixhoenders die een staart hadden van meer dan een meter.

In 1905 ontving hij  op de 2e Landbouwtentoonstelling afdeeling Montfoort, georganiseerd oor het Genootschap voor landbouw en Kruidkunde in de provincie Utrecht, de eerste prijs voor zijn hoenders de eerste en tweede prijs voor niet genoemde rassen. In 1906 had hij een artikel geschreven waarin hij stelde dat de huid van konijnen gebruikt kon worden door de leerindustrie. De huid is even duurzaam als goed zoolleder. Het heeft veel weg van kalfsleder maar de praktijk heeft zijn grootere duurzaamheid bewezen.
In 1908 schreef hij een artikel naar aanleiding van een pluimveetenstoonstelling in Brussel. Hij schreef dat de meeste hoenderrassen ongeschikt zijn omdat ze te kleine eieren leggen met geringe handelswaarde. Hij stelde voor de Nederlandse rassen te kruisen met andere rassen. Als ik het zou wagen om Friesche pellen, Drentsche hoenders, Hollandsche zilverlaken etc aan den landbouwer aan te bevelen, ik geloof dat ik mij nooit meer op die dorpen behoefde te laten zien. Xavier vond, schreef hij, dat de kippententoonstellingen meer een schoonheidswedstrijd leken, dan dat er op de eierproductie werd gelet.
In 1909 nam hij deel aan een tentoonstelling in Oostende en won daar een prijs voor zijn konijnen..

Ook schreef hij regelmatig in het Maandblad, orgaan van de NHC (Nederlandsche Hoendersclub). Maar ook schreef hij erg veel over konijnen.
In 1910 was hij al dusdanig bekend en beroemd dat hij als Nederlands jurylid deelnam aan de jaarljkse internationale pluimvee- en konijnententoonsteling in Utrecht in de Fruithal Handelsbeurs Vreeburg te Utrecht. Dit was de Ornithophilia. Xavier was een van de juryleden. Er waren toen 3153 inzendingen. Dat jaar was er in augustus ook een congres Voor Pluimvee en Konijnenteelt in Den Haag. Deze werd georganiseerd door de Nederlandse Verenging Avicultura. Xavier sprak op dit congres over de praktijk van het houden van deze dieren.

In 1910 kwam er een omwenteling bij Xavier. Hij stelde openlijk de vraag aan het Bestuur van de Vereeniging tot bevordering der Pluimveehoenders en tamme konijnenteelt in Nederland (opgericht in 1901): Beantwoorden de pluimvee tentoonstellingen, zoals ze tegenwoordig gehouden worden, aan het doel waarvoor ze georganiseerd worden? Dat was toch een knuppel in het toepasselijke hoenderhok. Hij zei ook dat het geen kunst was om prijzen te behalen. Er werd toch alleen maar gekeken naar schoonheid en niet naar productiviteit van één beest. Je moet eigenlijk een hele ren tentoonstellen en ook hun eieren. Xavier zei nog dat hij niets tegen de VPN had, maar ook dat er velen in het zuiden van het land niet meer mogelijk was om met de VPN samen te werken.
Blijkbaar viel dat bij het bestuur niet in goede aarde en Xavier werd in 1911 geroyeerd. De voorzitter zei nog wel dat Von Wersch in een deel van Limburg grote invloed heeft, maar dat nam het Bestuur voor lief. Echter er kwamen anderen die het Bestuur op fouten in de procedure wezen waardoor het hoofdbestuur meende er goed aan te doen hem weer op te nemen.

Na 1912 is er geen  vermelding meer in de kranten over zijn deelname aan de Pluimvee tentoonstelling Ornithophilia in Utrecht. Omdat hij in 1918 nog wel prijzen won met zijn konijnen, moet aangenomen worden dat hij niet daarmee gestopt was, maar wellicht niet meer meedeed aan de massa tentoonstellingen. 1911 en 1912 waren de laatste keren dat hij daaraan had deelgenomen.
 
 

leeuwarder courant 10 februari 1898
Uit de krant van 1898
 uit de Vlissingsche Courant 24 december 1904
Ook in de Frisia van 17 december 1904
3 januari 1903. Zelfs anderen adverteren met de kwaliteit van Xavier.
Nieuws van den Dag voor Nederlandsch Indie
30 mei 1904. Xavier heeft een eigen "lijn".

In 1909, 34 jaar oud, kreeg hij een relatie met de getrouwde, Christine Lepage die inmiddels gescheiden van haar man woonde. Uit deze relatie werd in 1918 hun dochter Christine geboren, dochter van Xavier en Christine. Maar omdat Maria Lepage nog officieel getrouwd was met Van Aelst, kreeg Christine de achternaam van haar papieren vader. Het feit dat Xavier samenwoonde met een nog niet gescheiden vrouw en later ook met haar trouwde, was in het katholieke zuiden natuurlijk doodzonde. Het gevolg was dat bij hun overlijden hij op ongewijde aarde in Simpelveld begraven werd en zij in Landgraaf. Na de dood mochten ze niet bij elkaar zijn. Dat had zijn familie zo beslist. Die vond het blijkbaar een schande. Ze plaatsten wel een overlijdensadvertentie, maar hierin werd niet de namen van zijn vrouw en kinderen vermeld. Op zijn bidprentje in het archief Sittard Geleen staat dat hij ongehuwd was. Dus zo veel pest had zijn familie eraan dat hij met een gescheiden vrouw getrouwd was.

Omdat hij natuurlijk maar een stukje broodwinning uit de konijnen haalde, vleesopbrengst, had hij ook nog andere beroepen. Een ervan was dat hij een Steengroeve en Kalkbranderij in Simpelveld had die Martensgraaf heette. Hier was hij directeur van. De groeve stelde weinig voor. In  2009 zochten wij de plek op en je kon  nog een uitholling in een heuvel zien. De naam Martensgraaf is echter al oud. In het Memorieboek van pastoor Dydden uit de 16e eeuw wordt deze streek Mertensgraeff genoemd.

Martensgraaf in Simpelveld
19 februari 1920

Nu waren er in die tijd veel kalkbranderijen in Simpelveld. De familie Van Wersch bouwde veel en ieder had wel achter in de tuin of op een apart veld een kalkoven staan. Het was de bedoeling dat Xavier er ook zou bouwen. Het is echter niet verder gekomen dan een bouwtekening van een serie rijtjeshuizen. Althans nog niet dat ik weet. Maar het zou wel zo kunnen zijn aangezien hij in 1920 diverse malen adverteert met bovenstaande advertentie. In dat jaar had hij overigens een koffiehuis in Simpelveld. In 1921 adverteerde hij niet meer met huizen te koop.

In 1918, Xavier was inmiddels 43, was hij nog steeds zeer actief met het fokken van konijnen. Zelf zo goed dat hij prijzen bleef winnen.
 
 

Utrechts Nieuwsblad 11 april 1918

In november 1906 was hij namelijk commissaris voor Nederland in het erecomité van de Internationale Pluimvee- en Konijnenteelttentoonstelling die in Parijs gehouden werd. Begin 1907 schreef hij een artikel voor het blad Avicultura over de Tentoonstelling te Parijs. Hij was toen al leraar aan de landbouw- winterschool in Sittard.
In januari 1907 kreeg hij een onderscheiding. Die onderscheiding kwam niet vanuit Nederland of België, maar uit onverwachte hoek. Namelijk uit Frankrijk. Van dat land ontving Xavier de onderscheiding Chevalier de mérité agricole, oftewel de onderscheiding voor de verdienste in de landbouw. Andere bekende dragers waren bijvoorbeeld Louis Pasteur en Catherine Deneuve. De onderscheiding werd in 1883 ingesteld. Hij kreeg officieel toestemming van de koning om deze medaille aan te nemen.
 

Detail van de gravure links.

Zoals de onderscheiding in het in echt eruit ziet.

In maart 1921 vestigde het gezin, hij was koopman, zich vanuit Valkenburg, volgens het bevolkingsregister, in Simpelveld. In mei 1923 vertrok het gezin weer naar Heerlen. In 1933, vijf jaar voor zijn dood, hij was 58, stuurde hij vanuit zijn woonplaats in Amay een brief naar het Gemeentebestuur van Simpelveld waarin hij om een vergunning A vroeg om zwak alcoholische dranken te verkopen. Tevens schreef hij dat na verlening van de vergunning hij en zijn gezin in Simpelveld zou komen wonen. Waarschijnlijk hield hij zich niet meer bezig met konijnen aangezien zijn naam niet voorkomt in de brochure die in 1925 verscheen ter ere van de Nationale Tentoonstelling van Pluimvee, Duiven en Konijnen. En die was nog wel in Limburg, in Schinnen. Op de lijst staat wel Jos. van Wersch uit Simpelveld die aan deze wedstrijd deelnam met de volgende konijnenrassen: Russische brandneuzen, ram en voedster, en met zilverkonijn (ram). Waren het zijn eigen konijnen of waren die van Xavier? Waarschijnlijk van Xavier omdat hij met die soorten op vele tentoonstellingen stond. Apart is het ook dat hij die vele prijzen won op pluimvee en konijnententoonstelling, in december 1926 toch weer deelnam aam een pluimveetentoonstelling in Café Luxor aan de Rijksweg in Sittard. Echter niet als pluimveehouder maar met een stand voor zijn kunstdrukinrichting.


Aviculture waar Xavier een vaste medewerker van was. Zie de laatste regel.

Vijf jaar later stierf Xavier daadwerkelijk in Simpelveld. Hij had ervaring als cafébaas, want dat was hij ook in Terwinselen geweest. Ik weet alleen nog niet wanneer.

 de krant uit 1925

1923Andere activiteiten van Xavier. Hij was drukker in Sittard en Maastricht (ca 1914-1915 in Sittard en blijkbaar in 1923/1925 ook in Terwinselen), hij was als leraar pluimveehouderij verbonden aan de Rijkslandbouwwinterschool in Sittard, leidde het hotel De La Poste in de Dorpsstraat C24 (dat werd later 24c) Gulpen (In april 1937 aangesteld als Bondshotel door de ANWB, in oktober 1938 alweer van de lijst gehaald omdat Xaxier overleden was), was café/ restaurant houder in Huy/Hoei. Hij zat in de redactie van de Pluimgraaf, geïllustreerd weekblad voor liefhebbers van zang- sieraad- en volière vogels. Maar ook was hij verbonden als redacteur aan de Veldbode. In 1937 stond hij nog als Candidaat vermeld op de ledenlijst van de ANWB.
 

Limburger Koerier 17 april 1937
Hotel de la Poste
Al in 1900 was er een hotel de la Poste in Gullpen, geleid door de heer Heimbach. Hij had 25 kamers. Xavier kocht in augustus 1937 het hotel De la Poste van de weduwe Hoedemakers-Teheux die het sinds 1933 in bezit had. Zij had 40 kamers en Xavier 33 kamers. Het eigendom eindigde bij zijn dood in 1938. Zijn weduwe Helena Lepage was de nieuwe eigenaar. Dit bleef zij niet lang doen want in december 1938 werd Paul Thorissen de nieuwe eigenaar en hernoemde het hotel. Voortaan heette het Hotel Bergland.. Hij hield het maar 3 jaar uit, want in november 1941 werd Jan Iske eigenaar. Die ging in 1953 failliet waarna in mei 1953 weer een vrouw (althans op papier) de eigenaar werd. Zij heette Maria Wittevrouw, echtgenote van Willem Deckers. Het eigendom droeg zij in september 1957 over aan haar man. In januari 1960 werd H. Savelkoul de eigenaar van het logiesverstrekkende -, restaurant- en cafebedrijf de nieuwe eigenaar. In dat jaar vond er ook een omnummering plaats van de Dorpsstraat waardoor het hotel niet meer op 24c zat maar voortaan op nummer 19. Savelkoul redde het ook niet lang want in september 1960 werd het hotel opgeheven.
Sinds 2004 heet het vormalige hotel Grandcafé Galouppe..
Anno 2009Anno 1952

Over zijn activiteiten aan de Landbouwwinterschool in Sittard heb ik nog te weinig info kunnen vinden. In Stadsbeelden Sittard deel twee van Math Vleeshouwer staat dat in 1896 (maar werkelijk in 1895) in het Kitzraedthuis (de oude marechausseekazerne) in Sittard een landbouwinterschool gevestigd was die in 1923 opgeheven werd. In feite werd de school in de herfst verhuisd naar Roermond. Sittard was na Groningen en Goes de derde Landbouwwinterschool in het land. Op deze school werden boerenzoons alleen in de winter bijgespijkerd op exacte vakken. In de zomer namelijk werkten zij bij hun vader of bij andere boeren. Xavier van Wersch werd van 1 januari 1908 tot en met 31 maart 1908 benoemd tot leraar. De Nieuws van den Dag van december 1907 schreef:
't Vraagstuk van de eier- en vleeschproductie is anders de bestudeering wel waard. Uit dit oogpunt beschouwd moeten wij het toejuichen dat onze regeering weer den eersten stoot geeft, waar zij gaat zorgen voor onderwijs in pluimveeteelt. De heer X. von Wersch gaat onderwijs geven aan de Rijkslandbouw- winterschool te Sittard.
In het archief van de Staten Generaal staat een Onderwijsverslag 1908 -1909 over de midd. Ond. v. vakopleiding Land- en Tuinbouwinterschool te Sittard. Hierin wordt Xavier genoemd als leraar, echter abusievelijk noemen zij hem H. van Wersch.
 

In 1920 werd het Nationaal Congres voor Practische Neerhofdierenteelt gehouden onder hooge bescherming van het Ministerie van Landbouw. Xavier werd daarin genoemd als leeraar in neerhofdierenteelt, staat voordrachtgever, ridder der Landbouwverdienste (Frankrijk).

Andere foto's die ik dankzij zijn kleinzoon heb mogen ontvangen:

Onbekend waar deze foto gemaakt is. Midden in de foto staat Xavier met zijn vrouw Christine Lepage en voor de voeten van Xavier zit Christine's zoon Jean. Gezien de soldaten zal deze foto eind 1914 gemaakt zijn.

Xavier schreef erg veel over zijn konijnen. Helaas heb ik er weinig van kunnen achterhalen. In 1903 richtte hij samen met anderen het blad De Veldbode op en hij schreef, als redacteur, vervolgens in ieder nummer een artikel met titels als: De Eierhandel in Nederland, Plymouth Rock, Het werken met de broedmachine, Is de konijnenfokkerij voordeelig, De Poule Pintade, Weener Reuzenkonijnen, Beenderenvleesch en gemalen beenderen, Konijnenteelt in België.
Uit 1910 stamt het onderstaande verhaal over wat je konijnen in de winter het best kunt voeren. Daarbij ook lettend op de paring. Het werd gepubliceerd in De Dageraad.

 
LANDBOUW

Winter in den konijnenstal

De konijnen vorderen op ‘t oogenblik niet veel werk. De teelt is nog niet begonnen; voedsters met jongen zijn er nog niet veel. Wel dienen de dieren, die dit jaar voor de teelt zullen gebruikt worden, afzonderlijk gehuisvest te worden. Men schenke dezen dieren bijzonder opmerkzaamheid. Is de tijd voor de paring aangebroken en rammelaars en voedsters zijn flink en gezond, dan mag men ook krachtige jonge verwachten.

De hokken behoeven nu niet zoo dikwijls schoongemaakt te worden als in den zomer; er dient evenwel steeds voor gezorgd te worden dat de dieren droog zitten. Wanneer noodig, geven men dus nieuw zacht strooisel.
Aan het voeder dient vooral in den winter alle aandacht geschonken te worden. Groenvoeder is er nog wel, maar men geve het niet in bevrozen toestand voedsel. Wie zijn dieren buiten heeft staan, voedere dan ook bij vriezend weer nooit meer dan zij in een kwartiertje naar binnen kunne spelen. Dit om te voorkomen dat het voeder bevriest. Ziekten met doodelijken afloop zijn niet zelden gevolg van het gebruik van bevroren wortelgewassen.

Voor droog voeder geven men haver, brood, zemelen en hooi. Gekookte aardappelenschillen met haver, gerste en maismeel vermengd, vormen, warm gegeven, op zeer koude dagen een uitstekend avondmaal. ’s Morgens zijn voor groenvoeder koolbladeren aan te bevelen. Wortelen, koolrapen enz, geve men echter steeds als tweeden maaltijd; want een weinig groenvoeder vooraf is altijd aan te bevelen. Afwisseling onderhoudt ook hier den eetlust. Verder houd ik het voor aanbevelenswaardig zelf in ’t klein eens proeven te nemen met een eigen voedermethode. Zoodoende onderhoudt men ook de belangstelling in zijn dieren.

Sommige konijnenhouders hebben de gewoonte reeds half Februari aan ’t fokken te gaan. Mijns inziens wel wat te vroeg. Dan toch begint het konijn te verharen, een critiek tijdperk. De ervaring heeft geleerd, dat het verre te verkiezen is met het fokken te wachten totdat de dieren geheel verhaard zijn. Wie vroeger laat dekken, stelt zich bloot aan allerlei teleurstellen en heeft, wat wel het ergst is, kans op ‘t winnen van zwakke jongen daar de voedster gedurende de verharing eindelijk als een ziek dier moet beschouwd worden.

Lijnkoekmeel, gemengd met het weekvoeder, bevordert de verharing. Om terstond voor de paring te kunnen dienen, moeten de rammelaars flink gevoerd worden. Den dag der paring noteere men: 6 dagen later zette men voedster en rammelaar nog eens bij elkander en is de eerste alsdan onwillig, dat er drachtig is.

 Hoe dan verder te handelen, vertellen wij eens tegen den tijd, dat er drachtige voedsters zijn.

X. v. Wersch


 
1 januari 1907 19 september 1903 13 augustus 1901

Het is vreemd te noemen dat bij zijn dood in 1938 de kranten zwegen, nadat zij jaren en jaren veel over hem geschreven hebben.

Overzicht van zijn activiteiten

1875 Geboorte
1897 Maastricht, kampioen fietser en konijnenfokker
1899 Maastricht, kamipoen fietser en konijnenfokker
1902 Maastricht-Scharn: bestuurslid Pluimveehouderij
1903 Maastricht-Scharn: wielrenner
1905 Maastricht: autoriteit pluimvee
1906 Maastricht: autoriteit pluimvee en konijnen
1907 Sittard: leraar winterlandbouwschool
1907 Franse onderscheiding
1908 Sittard: leraar winterlandbouwschool
1910 autoriteit autoriteit pluimvee en konijnen
1914/15 Sittard
1918 dochter geboren
1919 huwelijk
1919 dochter geboren en overleed 15 uur oud
1920 Valkenburg, huizenverkoper
1920 Koffiehuis in Simpelveld
1921 naar Simpelveld. Hier had hij een café aan het station.
1922 dochter geboren
1923 naar Heerlen/Terwinselen
1925-26 Terwinselen: drukker
1933 wonend in Amay
1933 Lid van de R.K. Middenstand- vereening in Simpelveld die net opgericht was.
1937 Gulpen: hotelhouder
1938 overleden


Simpelveldse        Levensverhalen
tak                       index